Updates
Nieuws

Hoe kunnen supermarkten ontbossing tegengaan? Vijf concrete aanbevelingen.

© Sven Dowideit - Wikimedia Commons
Hoe kunnen supermarkten ontbossing tegengaan?

Uit de resultaten van Superlijst blijkt dat supermarkten aanzienlijk meer kunnen doen om consumenten duurzamere voeding aan te bieden en ontbossing tegen te gaan. Begin deze week publiceerde Rikolto de resultaten van de campagne, een onderzoek dat nagaat welke inspanningen supermarkten doen rond verschillende duurzaamheidsthema’s. BOS+ hielp mee met het onderzoek en focuste zich daarbij vooral op het onderwerp ontbossing. Het verdict? Er is nog veel werk aan de winkel. BOS+ geeft alvast 5 tips over hoe supermarkten ontbossing kunnen tegengaan.

Welke rol spelen supermarkten in ontbossing? 

De grootste directe oorzaak van wereldwijde ontbossing is landbouw: om sommige voedingsproducten te produceren moet nog altijd heel veel bos plaatsmaken voor landbouwgrond of weiland. Het gaat daarbij vooral om vlees, soja voor veevoeder, cacao, koffie en palmolie – een ingrediënt van heel veel voedingswaren, van koekjes tot smeerpasta. Wist je dat de Belgische consumptie jaarlijks wellicht* goed is voor ongeveer de oppervlakte van het Brussels Hoofdstedelijk gewest (ong. 150km²) aan ontbossing? Er is onvoldoende duidelijkheid over de precieze oorsprong van al die producten om exact te kunnen zeggen hoeveel ontbossing onze consumptie nu werkelijk veroorzaakt. Daarom spreken de studies over dit onderwerp over 'ontbossingsrisico' - hoeveel er echt wordt ontbost kan minder maar ook meer zijn. De cijfers blijven wel consistent naarmate de precisie toeneemt. Dit is trouwens nog een extra argument voor traceerbaarheid van de oorsprong van producten en transparantie daarover.

Veruit het grootste deel (80%) van wat we eten kopen we in supermarkten. Die spelen dus een heel belangrijke rol in het verhaal van wereldwijde ontbossing. Door sterke inspanningen te leveren rond duurzaamheid kunnen ze als het ware een hefboom worden naar een ontbossingsvrije wereld. Maar hoe? Onze expert geeft 5 tips over hoe supermarkten ontbossing kunnen tegengaan. 

Hoe kunnen supermarkten ontbossing tegengaan?

Hoe scoren supermarkten op ontbossing? 

In één woord: laag. 

De conclusies van het onderzoek van Superlijst zijn voor die verschillende thema’s behoorlijk consistent: supermarkten hebben enkele eerste stappen gezet, maar nog helemaal niet voldoende om consumenten – toch zonder grote inspanningen – duurzaam te laten kopen. 

Een andere belangrijke vaststelling: waar de ene supermarkt het goed doet, loopt de andere achter – en omgekeerd. Praktijken van elkaar overnemen zou al een eerste belangrijke stap zijn. Ook voor bos is dat het geval.

Waarom scoren supermarkten niet goed? 

Onderzoeksmethode 

Om supermarkten te kunnen beoordelen voor Superlijst werden een aantal thema’s gekozen die belangrijk zijn voor duurzaamheid: plantaardige voeding, duurzame landbouw en voedselverspilling. Voor elk van die thema’s werden indicatoren opgesteld. 

Hoe kunnen supermarkten ontbossing tegengaan

Om de prestaties van supermarkten te beoordelen voor duurzame landouw werden 5 indicatoren opgesteld, 3 daarvan keken specifiek naar ontbossing – landbouw die ontbossing veroorzaakt kan je bezwaarlijk duurzaam noemen. Meer bepaald, ontbossing door 3 grondstoffen (of ingrediënten): Soja voor veevoeder, palmolie en cacao. Dat zijn producten waarvoor supermarkten in België een belangrijke impact hebben op ontbossing. Op basis van het onderzoek en de resultaten geeft onze expert 5 tips over hoe supermarkten ontbossing kunnen tegengaan.

Resultaten 

De grafiek hieronder toont de scores van supermarkten op het thema duurzame landbouw. Daaruit valt in de eerste plaats af te lezen dat alle supermarkten laag scoren. Ook dat waar een supermarkt het relatief goed doet voor 1 product (zoals Carrefour bij Palmolie) ze vaak minder goed scoren op een ander (zoals diezelfde supermarkt bij Cacao). 

De scores op andere thema’s zijn ook belangrijk. Zo scoort Delhaize hier laag op de indicator voor soja voor veevoeder, maar Delhaize is wel meer dan andere supermarkten voortrekker van plantaardige voeding. Vleesconsumptie is zowat de belangrijkste oorzaak van ontbossing, en door klanten te stimuleren minder vlees te eten, kunnen ze zo de druk op bos verlichten. Hetzelfde geldt trouwens voor voedselverspilling: zonder die verspilling zou er minder landbouwgrond nodig zijn, en dus minder druk op bos. 

Scores van supermarkten voor duurzame landbouw.


Wat opvalt is dat alle supermarkten voor ontbossing vooral inzetten op certificering, en vooral naar de eigen huismerken kijken. Als een product gecertificeerd is, dan wil dat zeggen dat een onafhankelijke instantie heeft geoordeeld dat dit product voldoet aan een reeks duurzaamheidsstandaarden.  

Op zich biedt dat een goede basis. Maar studies tonen aan dat dit onvoldoende is om waterdichte garanties te bieden op het ontbossingsvrij karakter van verkochte producten. 

Wat betreft de focus op huismerken: het is voor een supermarkt inderdaad makkelijker om de oorsprong en productiewijze van eigen merken te gaan bepalen. Maar ontbossing zou eenvoudigweg niet in de rekken mogen staan.  

 

Bekijk dit filmpje met BOS+ expert, Pieter Van de Sype, over hoe supermarkten ontbossing kunnen tegengaan.

Soja 

Soja is een heel voedingsrijk gewas. We kennen het van sojascheuten of sojamelk als plantaardig alternatief voor melk. Het is ook de basis van producten als sojasaus en andere smaakmakers als miso. Maar soja wordt omwille van de voedingswaarde ook heel veel gebruikt als veevoer. Omdat er in gewicht een veelvoud veevoer nodig is om eenzelfde gewicht vlees te produceren, heeft vleesproductie en grote honger naar oppervlakte. 

En die honger gaat vaak ten koste van natuurlijke ecosystemen, vooral in het Braziliaanse Amazonewoud of de Cerrado-Savanne ten zuiden van de Amazone. Sojaproductie vindt daar plaats op grootschalige plantages, met gebruik van veel kunstmest en pesticiden.

Naast het vernietigen van bos en andere natuur, moeten vaak ook lokale en inheemse gemeenschappen plaats maken voor de plantages – of ze ondervinden de negatieve gevolgen ervan, door vervuiling van hun drinkwater met pesticiden. Vaak is soja niet de eerste ontbosser, maar wordt bos eerst gekapt om graasweide van te maken, om na een paar jaar te worden omgezet in sojaplantage.  

Daarom is het belangrijk om bij duurzaamheids-beoordelingen te werken met een ‘cutoff-datum’. Dat is de datum waarnaar wordt gekeken om te bepalen of voor een bepaald product ontbossing heeft plaatsgevonden. Door een cutoff-datum zo vroeg mogelijk in de tijd te zetten, zet je een ambitieuzer doel voor het stoppen van ontbossing.

Door eenvoudigweg te zeggen dat er ‘vanaf nu geen ontbossing meer mag plaatsvinden’, zet je bedrijven die gisteren nog ontbosten op gelijke voet met bedrijven die al jaren inspanningen leveren om niet te ontbossen.  

Aldi en Delhaize hebben eens streefdatum voorpgesteld tegen wanneer ze ontbossing door soja uit hun producten willen. Aldi, Lidl en Carrefour vermelden expliciet een cutoff-datum. Vrijwel geen enkele supermarkt is transparant over de leveranciers van soja als veevoer verwerkt in de producten die ze verkopen.

Alle supermarkten zijn dan wel lid van de Ronde Tafel voor verantwoordelijke soja – een wereldwijd samenwerkings-platform voor duurzame soja. Maar geen enkele heeft een degelijk actieplan opgezet, gaat verder dan certificiering of huismerken. Het ontbossingsvrij karakter van Soja zit ook niet in het aankoopbeleid. 

Er wordt nog weinig gedaan om ontbossing door soja in veevoer te voorkomen.


Lees verder voor 5 tips over hoe supermarkten ontbossing kunnen tegengaan.

Palmolie 

De oliepalm, waar we palmolie uit halen, gedijt goed in warm en vochtig klimaat – net zoals het tropisch bos waar die vandaan komt. Palmolie is een heel nuttig en veelzijdig ingrediënt dat voor veel producten gebruikt wordt, in voedingswaren maar ook bijvoorbeeld cosmetica.

Omdat deze palmboom veruit de meest productieve olieproducerende soort is, wordt hij in grote oppervlaktes aangeplant. Zowel in grootschalige plantages door grote bedrijven, als als ‘cash-crop’ door landbouwerfamilies met kleinere bedrijven. Dat gebeurt ook vaak met andere gewassen, zoals cacao, of koffie: door die hoogwaardige producten, meestal bestemd voor de exportmarkt, te telen, verhogen de boeren hun kansen op wat extra inkomen.  

Maar net omdat de oliepalm zo populair is, vindt er veel ontbossing plaats ten koste van de productie. Vooral in Indonesië door grootschalige plantages – die een grote bedreiging vormen voor de Orang-Oetans –  maar ook in andere regenwouden. 

Een ban op palmolie, daarmee lossen we het ook niet op: net omdat de oliepalm zo productief is, zou er voor alternatieven nóg meer grond nodig zijn – nog meer druk op bos. We moeten dus vooral verzekeren dat de palmolie verwerkt in producten duurzaam wordt geproduceerd. Daar zou de Round Table on Sustainable Palm Oil moeten voor zorgen: een platform dat actoren uit de palmolie-sector samenbrengt om palmolieproductie duurzaam te maken. 

Ook hier zijn alle supermarkten beoordeeld in Superlijst lid van de RSPO, sommigen ook nog van andere platformen. Ze zetten ook allemaal in op certificering. Maar ook hier, vooral binnen de huismerken. Enkel Lidl geeft aan te verwachten dat leveranciers toezeggen in de aankoop van ontbossingsvrije palmolie. Aldi en Carrefour doen ook investeringen buiten de eigen toeleveringsketen. 

Op Palmolie worden de hoogste scores gehaald, en dat lijkt wat gelijk te lopen met het – relatieve – succesverhaal van Indonesië. Dat is op dit moment zowat de enige regio waar een merkbare afname van de snelheid van ontbossing plaatsvindt. Nog verre van voldoende, maar het toont wel aan dat die inspanningen resultaat opleveren. 

Het beleid op palmolie is veelal beperkt tot de huismerken van supermarkten.


Cacao 

Cacao, het hoofdingrediënt van Chocolade en Chocoladepoeder, is oorspronkelijk afkomstig uit het Amazonewoud. Het wordt in veel landen geteeld, maar met een sterke concentratie in Ghana en Ivoorkust in West-Afrika, waar meer dan 70% van de wereldwijde productie plaatsvindt. Ook Cacao groeit graag bij hoge temperaturen en veel regen – de klimaatzone waar het natuurlijke ecosysteem tropisch regenwoud is.  De productie van cacao – die grotendeels door kleinschalige landbouw gebeurt – is daardoor ook een belangrijke oorzaak van ontbossing.  

Het is makkelijk, maar vooral ook contraproductief – om landbouwers met de vinger te wijzen. Cacaoproductie vindt plaats in een context van hoge armoedecijfers en weinig alternatieve inkomensbronnen, ontbrekende ruimtelijke planning (of alleszins een beleid) en informaliteit, lage productiviteit en bodems die snel uitgeput raken. Boeren verdienen ook verre van voldoende aan de cacao die ze verkopen: 3% van de uiteindelijke kost van een reep chocolade die hoofdzakelijk uit Cacao bestaat komt terecht bij de boeren. Dat geeft hen ook geen marge om te investeren in meer duurzame praktijken, zoals het planten van bomen op hun percelen om zo de kwaliteit van de cacao te verhogen. 

Aldi en Lidl scoren het beste op de indicator voor Cacao, Delhaize en Carrefour het laagst. De hoge scoorders hebben een duidelijke streefdatum voor wanneer ze ontbossing door cacao willen helpen stoppen. Aldi is de enige die enigszins inkijk geeft in toeleveringssystemen. Maar ook hier is geen enkele supermarkt transparant over de herkomst van de Cacao, met informatie over toeleveranciers. Er zijn geen duidelijke actieplannen, ontbossingsstop ontbreekt in het inkoopbeleid. 

Supermarkten nemen nauwelijks maatregelen om ontbossing gerelateerd aan cacao tegen te gaan.


Hoe kunnen supermarkten ontbossing tegengaan?

Dat kan dus nog veel, veel beter. 

Hoe kunnen supermarkten ontbossing tegengaan? 

  1. Duidelijke en concrete actieplannen opstellen om de risico’s van ontbossing te beperken.
    1. Plannen die ook worden opgevolgd, met regelmatige rapportering. Met duidelijke doelstellingen tegen wanneer supermarkten ontbossing volledig uit hun productenassortiment moeten hebben geweerd.  
    2. Plannen die ook de linken leggen met de andere dimensies van duurzaamheid. Want ook de transitie naar plantaardige voeding, duurzame productie, duidelijkheid van de oorsprong én voedselverspilling hebben impact op ontbossing.  
  2. Alle producten – niet enkel huismerkproducten opnemen in het beleid tegen ontbossing.
    1. Inhaken op het wettelijk kader dat wordt opgesteld door de EU – en de werking ervan versterken – door ontbossing en landconversie in het inkoopbeleid in te werken. Door van de producten die ze aankopen na te gaan dat die effectief ontbossingsvrij zijn. Door afspraken te maken met de bedrijven/leveranciers bij wie ze aankopen, informatie op te vragen over hoe de producten en hun ingrediënten werden geproduceerd en waar ze vandaan komen. Door hen te laten aantonen dat ze zelf grondig genoeg hun huiswerk rond zorgplicht hebben gedaan. En door hen te ondersteunen in de transitie naar duurzame sourcing 
  3. Beperk het anti-ontbossingsbeleid niet tot agroforestry of herbebossing. 
    1. Veel bedrijven zetten in op projecten rond Agroforestry en Bosherstel. Daar is op zich niets mis mee, maar wat niet mag gebeuren is dat die projecten afleiden van de essentie: het stoppen van ontbossing. Ook belangrijk zijn de verhoudingen tussen de werkelijke impact, en hoeveel er wordt over gecommuniceerd. Waar vooral moet worden in geïnvesteerd zijn structurele maatregelen die de waardektens ontbossingsvrij maken. 
  4. Soja: stem de inspanningen tegen ontbossing af op de eiwittransitie. 
    1. Soja voor veevoeder moet ontbossingsvrij geproduceerd worden, maar in het algemeen moet ook vleesconsumptie naar beneden. Om zo de druk op bos te verlichten. 
  5. Palmolie: formuleer strengere en ambitieuzere toezeggingen voor fysieke traceerbaarheid. 
    1. Zonder te weten waar een product vandaan komt hebben we geen waterdichte garanties op het ontbossingsvrij karakter ervan. Het is daarom belangrijk om voor elk ingrediënt zo exact mogelijk te weten waar het vandaan komt, en die verwachtingen duidelijk aan te geven aan de leveranciers. 

 

Superlijst is een onderzoeksproject van Questionmark. Superlijst België Milieu wordt uitgevoerd door Rikolto, in samenwerking met parnters Test Aankoop, BBL, BOS+, Foodwin Canopea en ecoconso.  

Hoe kunnen supermarkten onbossing tegengaan?

Het Belgische Superlijst-onderzoek wordt mogelijk gemaakt dankzij de financiële steun van Rikolto, Test Aankoop, de Belgische Ontwikkelingssamenwerking en EU LIFE. 

 

Terug

Supermarkten kunnen veel meer doen voor milieu en klimaat, blijkt uit Superlijst

Geen bos zonder grond: waarom een falende bouwshift geen optie is (en het er niet goed uitziet)

Lees meer artikels